Je staat in de lift. Of aan het einde van een netwerkborrel. Of tegenover iemand die precies de juiste persoon is. En dan komt de vraag: “Wat doe jij eigenlijk?”
Je weet het antwoord. Maar de woorden komen niet. Of ze komen wel, maar ze klinken niet zoals je bedoelt. Te lang, te technisch, of te weinig overtuigend. De kans glipt weg.
Dat is het probleem met de elevator pitch: je hebt hem zelden geoefend, maar je hebt hem vaak nodig.